Tweemaal per jaar wisselt je paard van garderobe
Verharen is geen last, het is een prestatie. Wat er in het paard gebeurt, waarom daglicht de aanzet geeft, en hoe je van acht weken haar er vier maakt.
Het begint niet met warmte. Het begint met licht. Weken voor de eerste zachte dag meet het paard de daglengte, en het lichaam neemt een besluit dat geen weersverandering meer terugdraait. Daarom verharen paarden in februari bij strenge vorst en staan ze in september bij vijfentwintig graden nog in een halve wintervacht.
Voor het lichaam is dit zwaar werk. Een hele vacht opbouwen kost eiwit, sporenelementen en energie, precies op het moment dat veel paarden ook weer in training komen. Een paard dat tijdens de wisseling dof oogt, is niet lui. Het bouwt een vacht.
Wat in het voorjaar echt helpt
De helft is wrijving. Het losse haar zit nauwelijks nog in de haarzak vast en wil eruit. Alles wat trekt en rolt versnelt dat: een rubberen roskam in kleine cirkels, een verhaarblok, in nood een schone rijhandschoen. De enige regel is afwerken met de haren mee en niet ertegenin, anders komt de dekhaar overeind en oogt het paard slordig terwijl het schoon is.
Twintig minuten met de roskam verslaat elk supplement uit een emmer.
De andere helft is beweging. Een paard dat zweet en daarna droog wordt gestapt, verliest sneller haar dan een paard dat in de wei staat. Werk in het voorjaar drie dagen per week stevig door en verzorg daarna grondig, en je bent vaak twee weken eerder klaar.
Voeding, zonder wondermiddelen
Haar bestaat grotendeels uit keratine, en keratine heeft zwavelhoudende aminozuren, zink en koper nodig. Een paard op goed ruwvoer en een verstandig mineralenmengsel heeft dat al. Wat tijdens de wisseling wel zinvol is om toe te voegen, is een portie lijnzaadolie of lijnzaad, omdat vetzuren de huid soepel houden, en glans komt niet uit een spuitfles.
Scheren of niet
Je scheert omdat het paard werkt, niet omdat het er netter uitziet. Een paard in volle wintervacht heeft ruim een uur nodig om te drogen na een stevige training, en dat uur in een vochtige vacht is het echte risico. Zweet het regelmatig, scheer dan, en scheer alleen wat zweet: hals, borst, flank. De rest blijft zitten en houdt het warm.
Scheer je, dan dek je in. Niet zwaarder dan nodig, maar wel betrouwbaar, want een geschoren paard heeft zijn eigen isolatie ingeleverd en krijgt die niet zomaar op korte termijn terug.
Het najaar is de rustigere helft
Het najaar valt minder op, omdat de zomervacht kort is en de wind het haar meeneemt. Toch is dit het moment om de huid te controleren: schilfers, kale plekken, korsten in de kootholte. Wat je nu vindt en behandelt, is voor januari klaar. Wat je nu mist, groeit stilletjes onder de wintervacht door.
Wat in het najaar onder de vacht verdwijnt, komt in maart weer terug.
Meer uit het Journal
Het is het eerste wat een jurylid ziet en het laatste wat weer aangroeit. Waarom de meeste manen niet stuk gaan door verkeerde pro…
Glans ontstaat nooit op een wedstrijd zelf. Ze wordt alleen tevoorschijn gehaald. Een tijdschema van aankomst tot de piste, zoals …
Manenhaar groeit terug. Staarthaar ook, alleen zo langzaam dat de fout jarenlang zichtbaar blijft. Een pleidooi voor vingers en te…